In Museumtijdschrift leest u in elke editie over de mooiste en meest bijzondere tentoonstellingen van het moment. Wie zijn de mensen achter de tentoonstelling? Welke keuzes maken zij, welke uitdagingen komen op hun pad? Deze week vertelt conservator Ariane van Suchtelen van het Mauritshuis over ‘In volle bloei’. Het museum viert zijn tweehonderdste verjaardag met een tentoonstelling boordevol spectaculaire bloemstillevens. 

Wat was de grootste uitdaging tijdens het maken van deze tentoonstelling?
“De voorbereidingen vonden plaats tijdens de coronacrisis. Daardoor was het moeilijk om werken te gaan bekijken, te overleggen met (mogelijke) bruikleengevers, toegang te krijgen tot onderzoeksbronnen, et cetera. Het was een uitdaging om zoveel mogelijk relevant werk van vrouwelijke kunstenaars te kunnen tonen. Van een belangrijke kunstenaar als Clara Peeters zijn er bijvoorbeeld slechts enkele bloemstillevens beschikbaar. Gelukkig is er een schilderij van haar in het Kröller-Müller Museum, dat aan haar is toegeschreven. Het werk is speciaal voor de tentoonstelling in het Kröller-Müller gerestaureerd: het bleek een prachtig schilderij van haar hand.”

Tijdens het inrichten van de tentoonstelling, foto: Ariane van Suchtelen

Wat vindt u het bijzonderste stuk in de tentoonstelling?
“Het botanische album uit het bezit van Agnes Block, die in de tentoonstelling voor het voetlicht wordt gebracht. Block verzamelde in haar tuin aan de Vecht honderden zeldzame planten en bloemen, die zij met veel zorg opkweekte. Wanneer haar planten tot bloei kwamen, nodigde zij kunstenaars (onder wie diverse vrouwen) uit om tekeningen te maken. Zij vond het belangrijk alles goed te documenteren – wetenschap en kunst gingen hand in hand. Ze bewaarde de tekeningen in albums en dit is het enige album dat bewaard is gebleven. Blocks grootste ‘claim to fame’ is dat het haar als eerste in Europa was gelukt een ananas te kweken (uit Zuid-Amerika). Op de tentoonstelling hangt het portret van Agnes Block, haar man en twee stiefkleinkinderen met op de voorgrond de ananasplant.
Ook het portret van Hans Memling met op de achterkant het allereerste bloemstilleven is een mijlpaal. Dit is het eerste werk in de tentoonstelling – de bezoeker ziet het als hij/zij binnenloopt. Het werk wordt tweezijdig tentoongesteld, maar de bezoeker ziet eerst de achterkant.”

Jan Weenix, ‘Agnes Block, Sybrand de Flines en twee kinderen op de buitenplaats Vijverhof’, 1684-1704 (detail), collectie Amsterdam Museum

Wat wilt u dat bezoekers leren of meenemen van de tentoonstelling?
“Het zou mooi zijn als de bezoeker zich bewust is geworden van de fascinerende context van het bloemengenre, van de samenhang met de ontwikkelingen in de botanie, de natuurhistorische ontdekkingen die aan de schilderijen ten grondslag liggen. Die context wordt in de tentoonstelling belicht met prenten, tekeningen, botanische albums en boeken. Een tweede aspect is de ongelooflijk rijke en veelzijdige eigen collectie bloemstillevens van het Mauritshuis. Maar liefst de helft van de tentoongestelde schilderijen is eigen bezit. Ten slotte hoop ik dat de bezoeker onder de indruk zal zijn van de vrouwen die furore maakten in de botanie en bloemstillevenkunst. In de tentoonstelling staan zij in de schijnwerpers, te midden van hun mannelijke collega’s. Daarbij staat niet het feit dat zij vrouw waren voorop, maar de hoge kwaliteit van hun werk.”

Tijdens het inrichten van de tentoonstelling, foto: Faye Cliné

In volle bloei’, 10 februari t/m 6 juni in het Mauritshuis, Den Haag, MK geldig, www.mauritshuis.nl

Hoofdbeeld: Joris Hoefnagel, ‘Vaas met rozen, kweepeer, vlinders en insecten’, opgedragen aan Johan Radermacher, 1589, collectie Zeeuws Museum, Middelburg