In het jaar dat Mondriaans 150e geboortejaar feestelijk wordt gememoreerd, verwerft het Mondriaanhuis, het geboortehuis van de schilder, negen vroege Mondriaans uit de periode 1899-1908. De uitzonderlijke aankoop is mogelijk gemaakt dankzij ruimhartige steun van onder andere de Vereniging Rembrandt en de gemeente Amersfoort. De nieuwe aanwinsten zijn vanaf 15 februari te zien.

Het Mondriaanhuis had de werken sinds 2010 in langdurige bruikleen van een erfgenaam van kunstverzamelaar Dr. J.F.S. Esser. Na overlijden van deze eigenaar dreigden ze voor het publiek verloren te gaan. Door intensief contact met de erven is het gelukt de schilderijen en tekeningen definitief te behouden voor het Nederlands openbaar kunstbezit. Op verzoek van de erfgenamen is bepaald dat de aankoopsom niet bekend wordt gemaakt.

“Dat de aankoop van maar liefst negen werken is gelukt, is echt heel bijzonder. Wij zijn ontzettend blij dat ze, met alle steun die we hebben gekregen, voor eens en altijd in het Mondriaanhuis kunnen blijven. Zo kan iedereen van de unieke ontwikkeling van deze pionier van de abstracte kunst blijven genieten,” aldus Paul Baltus, directeur Mondriaanhuis.

De jonge Mondriaan
Piet Mondriaan (1872, Amersfoort – 1944, New York) leerde op vroege leeftijd het tekenen en schilderen van zijn vader en oom Frits. Na zijn lerarenopleiding handtekenen verhuisde hij in 1892 naar Amsterdam en studeerde hij aan de Rijksacademie. Zijn vroege werk, rond 1900, is nog figuratief en ambachtelijk, al zijn er al wel tekenen van vernieuwing te zien. Zijn onderwerpkeuze is traditioneel: boerderijen, landschappen, dorpsgezichten, bloemen en portretten. Pas na zijn vertrek naar Parijs in 1911 zien we een omslag naar meer abstract werk.

Collectie Esser
De negen verworven werken maakten deel uit van een omvangrijke collectie Nederlandse kunst uit begin vorige eeuw, die in de jaren 1906-1912 werd bijeengebracht door huisarts, plastisch chirurg, schaakkampioen, zakenman én kunstverzamelaar Dr. J.F.S. Esser (1877-1946). Tot zijn patiëntenkring behoorden o.a. de schilders Jan Sluijters en George Hendrik Breitner. Via hen kwam Esser ook met andere jonge, talentvolle kunstenaars in contact, waaronder Piet Mondriaan. Op het hoogtepunt bestond zijn verzameling uit 800 werken, waarvan 80 van Mondriaan. Na Essers dood werd de collectie die resteerde (een deel van de verzameling liet de arts namelijk al in 1919 weer veilen) verdeeld over zijn erfgenamen.

Bron: Persbericht Mondriaanhuis
Beeld: Piet Mondriaan, ‘Boerenhoeve’, 1905, 27 x 39 cm