De Museumtijdschrift Tentoonstellingsprijs is gewonnen door ‘Iran, Bakermat van de beschaving’! Met 16.023 uitgebrachte stemmen is ook de tweede editie van deze publieksverkiezing een daverend succes.
8 vragen aan Harry Tupan, directeur van het Drents Museum in Assen, waar de winnende tentoonstelling van 17 juni t/m 18 november 2018 was te zien.

Harry Tupan

Van harte gefeliciteerd!

“Dank, we zijn er superblij mee. Ik zag de tien nominaties en dacht ‘mijn hemel, dat is een serieuze competitie en een illuster gezelschap’. Heel eervol en prachtig dat Assen als winnaar uit de bus is gekomen.”

Wiens idee was het, om een archeologische tentoonstelling te maken over 10.000 jaar Iraanse cultuurschatten?

“Wij maken als museum deel uit van een groot internationaal netwerk, waarbij we tentoonstellingen van elkaar overnemen of samen maken. Via dit netwerk kwamen we in contact met de Bundeskunsthalle in Bonn, die een tentoonstelling over Iran had. Aanvankelijk was het de bedoeling deze tentoonstelling naar Assen te halen, maar om allerlei redenen was dat niet mogelijk. Toen heb ik gezegd: ‘dan gaan we het zelf doen. Op naar Teheran’.”

Hoe gaat dat, zulke onderhandelingen in Teheran?

“Zo’n bijeenkomst duurt niet een uurtje, maar een paar dagen. We kregen een soort ouderwetse zwart-wit diapresentatie, waaruit niet goed te beoordelen viel hoe bijzonder en aansprekend de objecten zijn. We zijn op ons verzoek het depot ingegaan en zowel onze conservator archeologie Vincent van Vilsteren, wiens afscheidstentoonstelling dit is vanwege de pensioengerechtigde leeftijd, als ik waren flabbergasted vanwege de kwaliteit.”

En dan?

“We hebben ter plekke een intentieverklaring getekend en de titel van de tentoonstelling bedacht, want Iran is echt de bakermat van onze geschiedenis. Vervolgens ga je nadenken over een concept, je wilt een verhaal vertellen, het publiek een boodschap meegeven, met objecten die daarbij passen. Naast het verhaal en de objecten vind ik de enscenering van groot belang. Die drie moeten met elkaar in evenwicht zijn. Want enscenering zonder inhoud wordt effectbejag.”

Zaaloverzicht ‘Iran, Bakermat van de beschaving’ (foto: Sake Elzinga)

Naast de kunstschatten kreeg de vormgeving als sprookjesachtige bazaar veel lof van stemmers.

“We hebben samengewerkt met fantastische tentoonstellingsontwerpers, Perspekt Studio’s uit Haarlem. Die hebben de essentie, namelijk dat Iran de bakermat is van de beschaving, heel goed ruimtelijk vertaald. Tentoonstellingsvormgeving is een soort verleiding. Waarom zou je bezoekers niet in een bepaalde sfeer of stemming mogen brengen, waardoor je meer kunt genieten van de schoonheid van het getoonde? De kijkduur was bovengemiddeld, mensen bleven soms wel anderhalf uur in deze tentoonstelling. Daar heb je zo’n enscenering voor nodig.”

Is deze tentoonstelling karakteristiek voor het Drents Museum?

“Wij bieden Drenthe een blik op de wereld en de wereld een blik op Drenthe. De archeologietentoonstellingen zijn daarvoor uitermate geschikt. Die sluiten namelijk mooi aan bij de beroemde grafcultuur van Drenthe, met zijn hunebedden en trechterbekercultuur. Archeologische vondsten komen natuurlijk vaak uit grafcomplexen. Wat de blik op Drenthe betreft, onze collectie archeologie is ook met veel succes in Iran te zien geweest.”

Wat was uw favoriete object uit de Iran-tentoonstelling?

Massief gouden rhyton, 559-331 v.Chr., Hamedan, de tentoonstellingsfavoriet van directeur Harry Tupan (foto: Sake Elzinga)

“Dat was onmiskenbaar de massief gouden rhyton. Die zat eerst niet bij de selectie van objecten die het Nationaal Museum in Teheran ons wilde sturen. Ik heb het museum ervan overtuigd dat wel te doen. Die rijkversierde beker van 24 karaats goud is namelijk het beste voorbeeld van hun hoogstaande materiële cultuur. Als kunsthistoricus vind ik zo’n staaltje edelsmeedkunst uit 500 voor Christus echt bijzonder. Dat die drinkbeker naar Assen is gekomen, is mijn persoonlijke hoogtepunt.”

 

Tot slot, wat betekent de Museumtijdschrift Tentoonstellingsprijs voor u en uw museum?

“De Iran-tentoonstelling is eerder in New York bekroond met een Global Fine Art Award. Maar ik ben er zo mogelijk nog trotser op dat dit een Nederlandse prijs is, dat het Nederlandse publiek hiermee haar waardering uitspreekt voor ons museum. Ook fijn dat het een publieksprijs is. We wisten dat we met Iran iets bijzonders in huis hadden, maar dat het zoveel mensen ontroerd heeft? Daar doen we het voor. Wat we met het geldbedrag van 10.000 euro gaan doen? We gaan het bedrag gebruiken voor het aanbrengen van een traplift in onze grote tentoonstellingszaal. Zo willen we deze ruimte nog beter toegankelijk maken voor ons publiek.“

* Voor de verkiezing van de Museumtijdschrift Tentoonstellingsprijs 2019 stelde een vakjury de top 10 samen, waarna museumbezoekers de winnaar konden bepalen. De vakjury bestond uit Adriana Esmeijer, directeur Prins Bernhard Cultuurfonds en juryvoorzitter, Peter van Duinen, directeur Vrije Academie en Marina de Vries, hoofdredacteur Museumtijdschrift.

Hoofdbeeld: Afbouw Iran-tentoonstelling in het Drents Museum, met rechts scheidend conservator archeologie Vincent van Vilsteren (foto: Marcel J. de Jong)