Tentoonstellingen aanmelden

Nederlands Tegelmuseum mk

Otterlo, Nederland

Tip van Museumtijdschrift:

Nederland heeft honderden kleine musea, vaak onbekend bij het grote publiek. Daarom bezoekt Museumtijdschrift ook deze zomer twaalf unieke collecties, van hedendaags panorama tot internationaal klompenmuseum. Aflevering 9: Tegelverhalen in Otterlo.

Tegels, tegels en nog meer tegels. Wie voor het eerst het Nederlands Tegelmuseum betreedt, staat versteld. Wat van buiten eerder een woonhuis lijkt, blijkt van binnen een museum met twaalf kleine zalen.

De collectie begon als privéverzameling van architect Gerrit Feenstra (1890-1985). Hij raakte gefascineerd door het betegelde interieur van een boerderij op Terschelling en besloot de bedreigde tegels te ‘redden’. Dat was het begin van een hele rits aankopen én van het museum, dat door Feenstra is ontworpen. De collectie omvat inmiddels ruim twaalfduizend tegels en volgt de ontwikkeling van de Nederlandse tegelindustrie, die haar hoogtijdagen vierde in de zeventiende eeuw. De expositie toont niet alleen deze Delfts Blauwe tegels, maar heeft ook een aantal bijzondere art-nouveautableaus, zoals de Tegelplaat van de Zuivelbond naar ontwerp van professor Th. K. L. Sluyterman (1910). Voor de liefhebber van modern hangt er bijzonder keramisch werk van Karel Appel, ‘Personage’ uit 1969.

Het Tegelmuseum heeft overigens een band met dat andere museum in Otterlo, het Kröller-Müller Museum. Helene Kröller-Müller (1869-1939) verzamelde namelijk niet alleen Mondriaans en Van Goghs, ook was zij een liefhebber van tegels. Een deel van haar collectie is te bewonderen in het hart van het Tegelmuseum. Er is veel te zien in dit ‘kleine’ museum, dus neemt u er gerust de tijd voor. Een ding echter ontbreekt: tegeltjeswijsheden zult u er tevergeefs zoeken.

Beeld: Zaaloverzicht Nederlands Tegelmuseum, foto: Aad Witteveen.

Het Nederlands Tegelmuseum in Otterlo ligt aan de rand van bos en hei, midden op de Veluwe. Het museum heeft een van de grootste verzamelingen Nederlandse wandtegels en tegeltableaus. Tegels worden al eeuwenlang gebruikt in woonhuizen en boerderijen, vooral rond de schouw, als wandbekleding tegen vocht en vuil. De tegels die beschilderd zijn met een afbeelding zijn bovendien mooi als versiering, vaak leerzaam en onderhoudend, ook voor moderne ogen. Kinderspelletjes en spreekwoorden zijn er op te zien, oude kostuums, schepen en molens, Bijbelse voorstellingen, herderscènes en landschapjes. Bloemen, vogels en dieren zijn geliefd, maar ook abstract uitgewerkte fijnzinnige bladmotieven of geometrische ornamenten. Om tegels te vervaardigen was een werkplaats met een oven nodig. De productie was grotendeels handwerk, een ambacht dat soms door ware kunstenaars is beoefend. Over de techniek van het bakken en beschilderen is in het museum veel te zien. Ook de historische ontwikkeling van de Noord-Nederlandse tegel is zichtbaar gemaakt. In de Nederlanden maakte men aanvankelijk vooral veelkleurige tegels, later kwamen blauwe of paarse tegels in de mode. De tegels van de laatste honderd jaar zijn kleurig en machinaal van een opdruk voorzien of nog steeds met de hand beschilderd. In de verzameling bevinden zich behalve losse tegels ook tegelvelden en grote, veelkleurige voorstellingen.

Beeld: Helene Kröller-Müller Kamer in het Nederlands Tegelmuseum, foto: Marjon Gemmeke.