Tentoonstellingen aanmelden

Eten en drinken als een kunstenaar
Robert-Jan Muller

Kunstcriticus

  • 3 maanden geleden
  • Blog
  • Beeldende kunst

Nu iedereen al ruim een maand zijn universum tot het huiselijke interieur heeft zien verschrompelen, snakt de kunstliefhebber des te meer naar museumbezoek. Heerlijk dwalen door ruime zalen en genieten van de verruimende ervaring die kunst je biedt. Maar voorlopig moet je het doen met virtuele tours waar je inmiddels ook wel op uitgekeken bent. Haal daarom de kunst in huis via de smaakpapillen. 

Begin twintigste eeuw kwamen eten en drinken in het vizier van de beeldende kunst. Om te beginnen met de Italiaanse Futuristen, die door het bedenken van cocktails met Italiaanse ingrediënten als grappa, Campari en allerlei lokale distillaten en wijnen, het nationale bewustzijn wilden verhogen. Hun voorman Filippo Tommaso Marinetti (1876-1944) publiceerde in 1932 zijn futuristisch kookboek, waarin cocktails, polibibiti, zijn opgenomen, ontworpen door de futuristische kunstenaar Enrico Prampolini (1894-1956). Je moet alleen even slikken wanneer je bedenkt dat de futuristen met deze alcoholische drankjes het fascisme van Mussolini vooruit wilden helpen. Maar ook vanwege de ongewone ingrediënten. De cocktail Alcoholisch Steekspel, bestaande uit barberawijn en Campari, wordt afgemaakt met kaas en chocolade geprikt op een cocktailprikker. En De Grote Wateren, een koppig mengsel van grappa, gin en anijslikeur, garneer je met ansjovispasta gewikkeld in een wafel. 

Filippo Tommaso Marinetti, ‘F. T. The Futurist Cookbook’, Bedford Arts, 1989

Hemelse cocktail
Na de Tweede Wereldoorlog komt Italië in een vriendelijker vaarwater. Dat wordt weerspiegeld in de Bellini, een cocktail van witte perzikenmoes met bruisende prosecco, uitgevonden in 1948 door Giuseppe Cipriani, eigenaar van Harrys Bar in Venetië. Cipriani bracht met dit aperitief een ode aan de Venetiaanse renaissanceschilder Giovanni Bellini (1430-1516) en zijn hemelse schilderijen. De zachtroze kleur, bereikt door de toevoeging van een gepureerde aardbei, zou afgeleid zijn een kledingstuk van een engel in een van Bellinis altaarstukken. Welke is niet bekend, maar mijn vermoeden gaat uit naar de engel aan de voet van de madonna in de sacra conversazione (1505), het altaarstuk dat zich nog steeds op de oorspronkelijke plaats in de kerk San Zaccaria bevindt. Je hoeft overigens niet naar Harrys Bar toe voor de Bellini; het spul is in heel Venetië, in bars en toeristenwinkels, kant en klaar te krijgen in flessen en ziet er dan, met een schroefdop, heel verdacht uit. 
Uit Harry’s Bar stamt tevens het recept voor de carpaccio, in 1950 geïnspireerd door Bellinis tijdgenoot en collega-schilder Vittore Carpaccio (1455-1525). Diens voorstellingen zijn wereldlijker dan die van de religieus geïnspireerde Bellini en tonen hoe het er in het Venetië van zijn tijd aan toe ging. Het naar hem genoemde gerecht is dan ook aardser: flinterdun gesneden rauwe runderfilet, besprenkeld met citroen en lichte mayonaise

Altaarstuk van Giovanni Bellini, 1505, San Zaccaria, Venetië

Wodka en gebakken schol 
Na zon culinair hoogtepunt moet er wel een dieptepunt komen: schol Picasso, een Hollandse uitvinding uit de jaren vijftig. Het is moeilijk voor te stellen hoe een kunstliefhebber heeft gedacht een ode te brengen aan de grote Spaanse schilder door een blik gemengde vruchtjes over een in margarine gebakken scholfilet uit te storten. 
Dan maar snel wegspoelen met een Bloody Mary, genoemd naar de Engelse koningin Mary Tudor (1516-1558), die tijdens haar korte regering honderden niet-katholieke landgenoten op de brandstapel zette. Weliswaar is de mix van wodka met tomatensap niet direct gerelateerd aan een kunstenaar, maar in het Prado in Madrid hangt haar ijzingwekkende portret (1554) door de Nederlandse schilder Anthonis Mor van Dashorst (1519-1577). Marys loerende en wantrouwige blik doet vermoeden dat ze baat zou hebben bij een paar glazen van de naar haar genoemde cocktail: cheer up, girl!
Mijn advies is echter, ga in je thuisquarantaine voor champagne. Geen buitenissige mengsels of rare toevoegingen. En niet van een bekend huis als Taittinger of Veuve Clicquot, maar kies voor het merk dat volgens kunstenaar Pieter Laurens Mol de hoogste vervoering belooft: Poët et Chanson. 

Anthonis Mor, ‘Mary Tudor, Queen of England, Second Wife of Philip II’, 1554, Museo del Prado, Madrid

Hoofdbeeld: Pieter Laurens Mol, ‘Poët & Chanson’, 1988


Reageer op Eten en drinken als een kunstenaar

Dit veld is verplicht Vul een geldig emailadres in
Dit veld is verplicht
Er zijn 6 reacties op Eten en drinken als een kunstenaar
  1. Nelleke Mosk

    Hoezo “ijzingwekkend portret” en “loerende en wantrouwige blik”? Dat zijn toch onprofessionele opmerkingen voor een kunstcriticus.
    Ik spreek uiteraard over het portret van Mary Tudor.

    • mm
      Marina de Vries

      Beste Nelleke, het is toch ook prima als een kunstcriticus een beetje kleur bekent?
      Marina de Vries, Museumtijdschrift

  2. Peter Schampers

    Schol Picasso zou nog tot daar aan toe zijn geweest. Maar op de menukaart van menig gerenommeerd restaurant (ik ken er een die een Michelinster had) stond Sole Picasso, in roomboter gebakken zeetongfilets, overgoten met een room-kerriesaus waarin de genoemde fruitcocktail uit blik en plakjes gekonfijte gember.

    • mm
      Marina de Vries

      Beste Peter,
      Inderdaad is Sole Picasso de ‘chique’ variant van de Schol Picasso, blijkbaar een wat goedkopere versie die in elk geval in Haarlem op de menukaart stond! Zou iemand dit gerecht nog wel eens maken of eten?
      Marina de Vries

      • Toto Ras

        wat een kakkineuse opmerking over de schol picasso, kennelijk niet gehinderd door enig historisch besef dat nog maar enige jaren na de hongerwinter deze schol picasso het summum van culinaire hoogstand was.