Tentoonstellingen aanmelden

Hockney of Van Gogh: een tweestrijd?
Robert-Jan Muller

Kunstcriticus en voorzitter AICA

  • 2 maanden geleden
  • Recensie
  • Beeldende kunst

Als één kunstenaar momenteel in de belangstelling staat, is het wel David Hockney. Het publiek adoreert zijn werk, maar de Nederlandse musea vonden het decennialang te plat.

Het is eigenaardig gesteld met de waardering in Nederland voor David Hockney. Op dit moment dromt het publiek samen voor zijn landschapsschilderijen in het Van Gogh Museum, terwijl werk van de Britse kunstenaar nauwelijks door de Nederlandse musea is aangekocht. Alleen Museum Boijmans Van Beuningen heeft een schilderij van enig formaat in de collectie, terwijl het Stedelijk Museum Amsterdam niet verder komt dan een paar tekeningen en prenten uit de jaren zestig en zeventig.
Blijkbaar hadden de musea al heel vroeg niets met een kunstenaar die figuratief werkte in heldere kleuren, en al in de jaren zestig vanuit Los Angeles liet zien hoe mooi het leven kon zijn. Nederlandse musea zagen (en zien wellicht) Hockneys blije blik op diens omgeving als te plat, te weinig inhoudelijk. Zelfs wanneer hij in zijn vroege portretten refereert aan de vijftiende-eeuwse Piero della Francesca, of aan Vermeer en Van Gogh.

Zaaloverzicht met links David Hockney, ‘Under the Trees, Bigger’, 2010-11 en rechts David Hockney, ‘Woldgate Woods, 6 & 9 November’ en ‘Woldgate Woods, 30 March-21 April’, beide 2006. Amsterdam, Van Gogh Museum (foto: Jan Kees Steenman)

Verf en ruimte
Hockneys soms immense landschapsschilderijen van het graafschap Yorkshire uit de jaren 1997-2013 zijn nu te zien naast die van Van Gogh uit 1887-1889. Het is overigens niet de eerste keer dat die periode van Hockney in een Nederlands museum belicht wordt. Een viertal andere schilderijen op grootformaat uit dezelfde productie was in 2015 al te zien in Het Noordbrabants Museum in Den Bosch, als keuze uit de kunstcollectie van de Duitse industrieel Reinhold Würth.

Vincent van Gogh, ‘Veld met irissen bij Arles’, mei 1988. Amsterdam, Van Gogh Museum (Vincent van Gogh Stichting)

In Amsterdam lijkt Hockneys kunst nu gesanctioneerd te worden door het te tonen naast schilderijen van Van Gogh: je kunt ze vergelijken en zien hoe de kunstenaars met verf en ruimte omgaan. Bijvoorbeeld hoe beide schilders de indruk willen wekken dat je als kijker, net als zijzelf, in het landschap staat en je door ruimte wordt omgeven in plaats van door een venster ernaar te kijken. En hoezeer Hockneys penseelstreek verschilt van die Van Gogh. Want onvermijdelijk ontstaat er een ‘paragone’ tussen de twee kunstenaars: wie doet het beter?

Feestelijke confettiregen
Nu is Hockney vierentachtig jaar na Van Gogh geboren; twee werelden gescheiden door een vroeg twintigste-eeuwse revolutie in de schilderkunst. Het is heel verfrissend om Van Gogh in deze onverwachte vergelijking te betrekken. Hij werkt gedetailleerd, merk je hier opeens. Zijn pasteuze schildertoets wordt verfijnd door het mengen van de verf op het doek en het aanbrengen van delicate contourlijnen, zoals in ‘Veld met irissen bij Arles’. Dit soort schilderraffinement is bij Hockney niet aan de orde. Zijn kloeke verfstreken doen zich voor als verf, niet als voorstelling, en herinneren eerder aan de volle kleurvlakken van Matisse dan aan Van Gogh. Het effect is er niet minder om: Hockneys landschappen dompelen je onder in een soms zinderende zomerhitte, dan weer in een onweerstaanbare feestelijke confettiregen van uitbundige kleuren.

Zaaloverzicht met David Hockney, ‘Het aanbreken van de lente in Woldgate, East Yorkshire in 2011’. Amsterdam, Van Gogh Museum (foto: Jan Kees Steenman)

En opeens is er het onverwachte zenmoment halverwege de tentoonstelling: vier grote digitale videoschermen die je meenemen in een langzame rit door de vier seizoenen van de Woldgate Woods. Ieder scherm is een caleidoscoop van negen verschillende camerastandpunten, die elk net even een ander perspectief bieden. Op dat moment kijkt Hockney niet terug naar Van Gogh, maar plant hij zijn kunst stevig in de eenentwintigste eeuw.

Hockney – Van Gogh. The Joy of Nature’, t/m 26 mei in Van Gogh Museum, Amsterdam, MK geldig, vangoghmuseum.nl

Lees ook het uitgebreide artikel over deze tentoonstelling in Museumtijdschrift 2 (verkrijgbaar voor € 9,95)

Hoofdbeeld: Zaaloverzicht met David Hockney, ‘Het aanbreken van de lente in Woldgate, East Yorkshire in 2011’, olieverf op 32 doeken. Amsterdam, Van Gogh Museum (foto: Jan Kees Steenman)

Reageer op Hockney of Van Gogh: een tweestrijd?

Dit veld is verplicht Vul een geldig emailadres in
Dit veld is verplicht