Tentoonstellingen aanmelden

Popster van de tegencultuur
Jet van der Sluis

Kunsthistoricus en publicist

  • 2 jaar geleden
  • Recensie
  • Beeldende kunst

Het Brusselse kunstencentrum Bozar wijdt een groot overzicht aan Keith Haring. Deze legendarische kunstenaar gebruikte zijn sprankelende beeldtaal vaak om politieke thema’s aan te snijden die vandaag de dag nog verrassend actueel zijn.

De Amerikaanse kunstenaar Keith Haring (1958-1990) is een symbool van de jaren tachtig geworden. Zijn feilloze gevoel voor publiciteit, zijn commerciële succes en zijn vroegtijdige dood als gevolg van aids hebben hem tot een cultheld gemaakt. De expositie in het Brusselse kunstencentrum Bozar zet stevig in op het activistische karakter van zijn werk, maar belicht ook het bruisende, alternatieve kunstcircuit van New York waarin de kunstenaar terechtkwam.
In de eerste van de in totaal zeven tentoonstellingszalen wordt duidelijk dat Haring al vanaf het begin van zijn opleiding – eerst in Pittsburgh, later in New York – geobsedeerd is door fenomenen als het stripverhaal, oosterse kalligrafie en de rol van intuïtie in het scheppingsproces. Hij voelt zich verwant met kunstenaars als Alechinsky en Dubuffet. De lessen in semiotiek aan de School of Visual Arts te New York verhevigen zijn belangstelling voor de relatie tussen teken en betekenis, tussen beeld en taal. Hij realiseert zich dat hij via zijn kunst wil communiceren met een zo groot mogelijk publiek. Daarom laat hij het abstracte schilderen voor wat het is en begint hij te experimenteren met video’s en installaties.

Zaaloverzicht ‘Keith Haring’ in Bozar, foto: Yannick Sas.

Azteken en ufo’s
In 1980 begint hij opnieuw te tekenen en “dringt de figuratie zich aan hem op”, zoals hij het zelf formuleert. Pas dan ontstaan de oerversies van de figuurtjes die zijn latere werk bevolken. Hij is bevriend met graffitikunstenaars en tekent net als zij op straat, tot hij de met zwart papier afgeplakte reclameborden in de ondergrondse ontdekt. Hij verruilt zijn zwarte marker voor krijt en gebruikt deze ‘antireclame’ duizenden malen als podium. In een snel leesbaar idioom levert hij zo – een nooit eenduidig – commentaar op de moderne samenleving.
Vanuit deze clandestiene tekensessies ontwikkelt zich zijn aanstekelijke beeldtaal waarin hij de meest uiteenlopende beelden citeert en gebruikt. Stilistisch is zijn werk schatplichtig aan ‘primitieve’ kunstuitingen als die van de Amerikaanse indianen en de Azteken. Inhoudelijk zoekt hij echter uitdrukkelijk aansluiting bij de popcultuur en de opkomende informatietechnologie van zijn tijd. Hij is een vriend en bewonderaar van Andy Warhol en beweegt zich net als zijn idool graag en veel in de clubscene van New York. Het ritme en de bewegingen van de dancemuziek komen terug in zijn beroemde tekenperformances.
Hoe bijzonder Harings vloeiende, bijna automatische schrift is, zie je vooral in de grote zaal in het hart van de expositie. Hier hangt onder andere ‘The Matrix’, een vijftien meter lange inkttekening uit 1983 waarin veel van zijn persoonlijke symbolen en preoccupaties over elkaar buitelen. Natuurlijk herkennen we de ‘stralende baby’, de blaffende hond, ufo’s, robots, tv-schermen, piramiden en fallussen die een vast onderdeel van zijn iconografie vormen.

Keith Haring tekent op glas, 1987, © Muna Tseng Dance Projects, Inc.

Universele angsten
Wat vooral opvalt, is de energie van dit overrompelende commentaar op de hedonistische jaren tachtig van de vorige eeuw. In veel van zijn werk trekt de kunstenaar van leer tegen misstanden en bedreigingen die nu nog steeds actueel zijn, zoals kernwapens, apartheid en racisme, homofobie en de moordende aidsepidemie, waarvan hij zelf op 31-jarige leeftijd het slachtoffer zou worden. Aan zijn strijd voor de acceptatie van de lgbt-gemeenschap en zijn waarschuwingen tegen het gevreesde hiv-virus is terecht een aparte zaal gewijd.
Dat laat echter onverlet dat Haring meer was dan een activist: hij is een van de eerste kunstenaars die de kloof tussen de wereld van de kunst en die van de straat wist te overbruggen. Zijn ‘simpele’ en vaak expliciet erotische beeldtaal raakt aan universeel herkenbare angsten en verlangens, zoals ook mythen, sprookjes en volksverhalen dat kunnen doen. Haring schonk ons niets minder dan eigentijdse archetypen.

Keith Haring, ‘Ignorance = Fear’, 1989, © Keith Haring Foundation / collectie Noirmontartproduction, Parijs.

Keith Haring’, t/m 19 april in Bozar, Brussel, toegang € 18,00, bozar.be
Van 22 mei t/m 16 september is de tentoonstelling te zien in Museum Folkwang, Essen.

Hoofdbeeld: Zaaloverzicht ‘Keith Haring’ in Bozar, foto: Yannick Sas.

Reageer op Popster van de tegencultuur

Dit veld is verplicht Vul een geldig emailadres in
Dit veld is verplicht

Uw reactie wordt gepubliceerd onder dit artikel en kan gebruikt worden in het tijdschrift.

This site is protected by reCAPTCHA and the Google Privacy Policy and Terms of Service apply.