Tentoonstellingen aanmelden

Surrealisme als ventiel
Robert-Jan Muller

Kunstcriticus en voorzitter AICA

  • 1 maand geleden
  • Recensie
  • Beeldende kunst

Dorothea Tanning verzette zich tegen traditionele rolpatronen en onderdrukte gevoelens. De overzichten in Madrid en binnenkort in Londen brengen haar woeste droomwereld in beeld.

Dorothea Tanning, ‘Birthday’, 1942, olieverf op doek, 102,2 x 64,8 cm, Philadelphia Museum of Art.

In 1939 voer de 29-jarige Dorothea Tanning met het stoomschip Nieuw Amsterdam van New York naar Frankrijk, introductiebrieven op zak voor kunstenaars als Max Ernst, Yves Tanguy en Picasso. Drie jaar daarvoor had ze het Europese surrealisme leren kennen door een bezoek aan de tentoonstelling ‘Fantastic Art, Dada, Surrealism’ in het Museum of Modern Art in New York. Ze raakte gebiologeerd door het werk van kunstenaars als Duchamp, Ernst, Tanguy en Meret Oppenheim: “Wegwijzers,” schreef ze later, “zo dwingend, zo beladen, zo verleidelijk en, ja, zo pervers”.

Door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in september 1939 moest autodidact Tanning voortijdig terugkeren, maar in haar lange leven (zij overleed in 2012 op 102-jarige leeftijd) zou het surrealisme haar wereld blijven.

Uitzinnig en schaamteloos
Tannings fascinatie voor de donkere wereld van onderdrukte erotiek, fetisjisme en geweld kwam voort uit haar opvoeding in ‘small-town’ Amerika. Als dochter van lutheraanse Zweedse immigranten groeide ze op in Galesburg, Illinois. In dat benauwende milieu, zei ze, “nothing happened but the wallpaper”. Een van haar eerste echte surrealistische schilderijen, ‘Birthday’ uit 1942, schudt dan ook alle bekrompenheid en toedekking van seksualiteit van zich af. Letterlijk, want terwijl ze de kijker recht aankijkt portretteert ze zichzelf in een desolate kamer, half ontkleed, op blote voeten en met ontblote borsten. Alle kamerdeuren zijn geopend, het zijn er oneindig veel. Je kunt je voorstellen dat ze in zo’n kleurloos huis is opgegroeid, maar dan met die deuren potdicht.

Dorothea Tanning, ‘Children’s Games’, 1942, olieverf op doek, 28 x 18 cm, part. coll.

De overzichtstentoonstelling, eerder te zien in Museo Reina Sofia in Madrid en vanaf 27 februari in Tate Modern, ontleent de ondertitel dan ook aan haar uitspraak “Behind the door, another invisible door”. Tanning zag in het surrealisme, met metaforen als open deuren en gesloten wanden, een ventiel om onderdrukte gevoelens over seksualiteit en het lichaam open te draaien. Schaamteloos, dreigend en wild, zoals in ‘Children’s Games’ (1942), waar meisjes als uitzinnige maenaden behang van een muur trekken, waarachter een anus en een vrouwelijk onderlijf tevoorschijn komen.

Spelden met parels
Een verrassend en uitgebreid onderdeel van de tentoonstelling vormt een overzicht van Tannings sculpturen van textiel uit de periode 1965-79. De verstrengeling van fragmenten van armen, benen, torso’s, buiken en billen in een akelig vaal roze, doen je elke lust tot seks vergaan. Een zwartfluwelen object, dat het midden houdt tussen een orgaan en een onthoofde zeeleeuw waarop spelden met parelknoppen zijn geprikt, geeft Tanning de titel ‘Pincushion to serve as a Fetish’. Tanning moest niets van het label ‘vrouwelijk’ hebben: “Vrouwelijke kunstenaar, zoiets – of iemand – bestaat helemaal niet”. Toch stelt Tanning de cliché rolpatronen aan de kaak met deze textielsculpturen en de naaiarbeid die eraan te pas komt. Ze loopt daarmee vooruit op de textielsculpturen van kunstenaars als Louise Bourgeois en Cosima von Bonin.

Dorothea Tanning, ‘Hôtel du Pavot, Chambre 202’, 1970-1973, 340,5 x 31 x 470 cm, Centre Pompidou, Centre Pompidou, foto: Centre Pompidou, MNAM-CCI, Dist. RMN-Grand Palais / Philippe Migeat.

Het hoogtepunt van de tentoonstelling is Tannings installatie ‘Chambre 202, Hôtel du Pavot’ (1973), waarin ze alle elementen uit haar oeuvre samenvat tot een griezelige nachtmerrie. Door het gescheurde behang in de met een lichtpeertje schaars verlichte ruimte, breken roze billen, benen en buiken van textiel naar binnen. Als een klopgeest glijdt een hoofdeloos wezen uit de schoorsteenmantel. Ramen zijn er niet. Alleen een deur. En die staat, als een vluchtweg naar een andere wereld, weer open.

Dorothea Tanning. Behind the Door, Another Invisible Door’, 27 februari t/m 9 juni in Tate Modern, Londen, toegang £ 13,00, tate.org.uk.

Hoofdbeeld: Dorothea Tanning, ‘Eine Kleine Nachtmusik’, 1943, olieverf op doek, 40,7 x 61 cm, Tate Modern. Alle beelden: © DACS, 2018.

Reageer op Surrealisme als ventiel

Dit veld is verplicht Vul een geldig emailadres in
Dit veld is verplicht