Museum Nagele toont in haar nieuwe wisselexpositie werk van schilder Janine van Zeeland en dichter Eppie Dam. Zij ontmoetten elkaar pas enkele jaren geleden en bleken beiden een passie voor dieren te hebben. Dieren in hun eigen wereld, geobserveerd en gevangen in schilderijen, een stem gegeven in vormvaste gedichten. Een schuchtere witte reiger, een haas die zich onbespied waant, knokige lammeren die nog amper kunnen staan, een groepje zwanen in een besneeuwde wei, een gevangen mol. Janine van Zeeland (1956) schildert ze in haar atelier in het buitengebied van Kollumerpomp, dezelfde omgeving waar dichter Eppie Dam (1953) uit Sloten zijn vroege jeugd doorbracht.
De schilder over haar werkwijze: ‘Ik bespied de haas die al uren in mijn buurt zit. Ik weet dat hij mij ook ziet, al laten we dat beide niet merken. Intussen een schets maken. Of een foto. In het schilderij wil ik de sfeer van dat moment weer oproepen.’
Eppie Dam maakte 42 gedichten bij 42 schilderijen van Van Zeeland. Hij kroop in de huid van de dieren, schreef soms vanuit hun perspectief. ‘Janines dieren leven in hun eigen wereld, die tegelijk mijn wereld is. Ze vertellen hun verhaal, vaak in eenzaamheid of van elkaar vervreemd, maar ik zie ook humor en voel soms ontroering. Daarbij is haar kleurbehandeling uitdagend en verrassend. Zo uitbundig heb ik Kollumerpomp nog nooit gezien.’
De gedichten van Dam geven een diepere lading aan de schilderijen. De kraai wil van zijn zwarte imago af, de mol zoekt het hogerop, een mug houdt ons een spiegel voor. Veel aspecten van het leven passeren de revue, van geboorte tot dood en al het geworstel ertussenin.
Beeld: Verte, Janine van Zeeland