Het begint zo’n 5000 jaar terug met de sporen van de oudste bewoning. Rond het begin van de jaartelling waren de Romeinen in onze streken. Het kanaal van Corbulo werd gegraven, waarvan de resten tot het UNESCO Werelderfgoed behoren. We vertellen over de eerste vermelding van ons dorp, in de vroege middeleeuwen. We laten vondsten zien uit het dorpscentrum, met de focus op de drinkwatervoorziening in die periode.
Het rijke agrarische verleden en de buitenplaatsen komen aan bod. Rond 1750 telde Voorschoten zo’n 25 buitenplaatsen, waar de elite van Leiden en Den Haag de zomer doorbracht. In Voorschoten was de lucht heerlijk fris, en het dorp was vanuit de steden in korte tijd te bereiken.
De beroemde burgemeester uit de 19e eeuw, J. P. Treub, krijgt een eresaluut. Hij heeft heel veel betekend voor het onderwijs en de modernisering van de plattelandsgemeente.
Uiteraard besteden we aandacht aan de Zilverfabriek, als voorbeeld van de kunstnijverheid.
Voorschoten was van oudsher een handelsknooppunt, gunstig gelegen aan de heerweg en de Vliet. In de 19e eeuw kwamen de trein en de stoomtram, gevolgd door de beroemde elektrische ‘Blauwe Tram’.
Nieuw is het thema ‘Het culturele leven na WOII’.
De tentoonstelling sluit af met de snelle uitbreiding van Voorschoten met nieuwbouwwijken.

Beeld: website Museum Voorschoten