De Hoornbrug en de Vliet lopen als een rode draad door de geschiedenis van Rijswijk. Zonder die twee zou de ontwikkeling van Rijswijk vast anders zijn verlopen. De Vliet is vermoedelijk gegraven rond 1150. Zo’n honderd jaar later had de stedelijke ontwikkeling van Delft en Den Haag dusdanige vormen aangenomen dat een brug over de Vliet voor het personen- en goederenvervoer onontbeerlijk was. Maar deze veronderstelling levert helaas geen bouwjaar op voor de Hoornbrug.

Volgens de archieven lag de ‘Hornebregge’ er al in 1340 en was het vermoedelijk een houten brugdek dat rustte op gemetselde pijlers. In 1601 wordt de brug vervangen door een geheel stenen brug. Dan breekt er een soort bloeitijd aan voor de brug én voor Rijswijk. De Hoornbrug wordt de ontvangstlocatie voor hoge buitenlandse bezoekers die met veel uiterlijk vertoon naar het regeringscentrum Den Haag worden gebracht. Maar de brug is dan inmiddels ook een onmisbare schakel geworden voor dagelijks gereis van handelaren, boeren en burgers. Aanvankelijk te voet of met een simpele kar en later per koets, tram en auto. Deze functie heeft de brug tot op de dag van vandaag behouden, zij het in voortdurend aangepaste vorm. Maar alle veranderingen ten spijt, bleef de brug lange tijd het doel van wandelende Rijswijkers, voor thee en diners dansant bij het Molentje, zwemmen in en roeien over de Vliet en vissen aan de waterkant. Plannen voor een geheel nieuwe brug deden in 2014 nogal wat stof opwaaien maar tot uitvoering is het nooit gekomen.

De tentoonstelling laat de Hoornbrug in al zijn verschillende gedaanten zien, maar staat ook stil bij de gravers van de Vliet, het bonte scala aan gebruikers die door de eeuwen heen over en ook onder de brug passeerden en de onmisbare economische rol die de brug nog altijd heeft voor Rijswijk en de Randstad.

Beeld: Flyer Hoorbrug – Iconen in Rijswijk