Marije Bouman maakt tere en ongrijpbare schilderijen en werken op papier. Zij zoekt al werkend een ruimte voor de geest. De natuurbeleving tijdens wandeltochten is daarvoor een onuitputtelijke inspiratiebron.
Wolken, nevel, spiegelingen in het water en gefilterd zonlicht op stammen en bosgronden zijn niet tastbaar maar hebben wel een eigen vluchtige vorm. Soms is er een niet te plaatsen fenomeen in het landschap als een teken. Dit alles krijgt een eigen plek of ontstaat spontaan in het materiaal en komt los te staan van logische en betekenis dragende dingen.

Harmen Tulner ontwikkelde de afgelopen jaren schilderijen van koppen die uit verschillende onderdelen bestaan zoals plantbladen, wolken, een neus, een oor, kinderspeelgoed en bijvoorbeeld een zonnebril. Hij noemt deze koppen ‘gedaanten’. Zij bevinden zich op een bepaald punt van een metamorfose dat plaatsvindt in een imaginaire ruimte of in een landschap. De gedaante ondergaat gelaten deze omvorming.
De ideeën voor de schilderijen komen voort uit schetsen, knipsels en aantekeningen die hij in schetsboeken verzameld. Inspiratie doet hij op uit het rijke verleden van de schilderkunst, films en eigen ervaringen.
Naast de reeks ‘gedaanten’ maakt Tulner stillevens die zowel realistisch als gestileerd worden uitgevoerd.