Tentoonstellingen aanmelden

Vermoorde Kunst – Werk van Joodse kunstenaars

Noord-Veluws Museum Nunspeet, Nunspeet

Tip van Museumtijdschrift:

Marc Chagall (1887-1985), Mark Rothko (1903-1970) en Lucian Freud (1922-2011) waren invloedrijke schilders van Joodse komaf. Maar wat als zij hun leven in de Tweede Wereldoorlog hadden verloren? Had de kunstgeschiedenis er dan heel anders uit gezien? Van de kunstenaars van wie werk te zien is in ‘Vermoorde kunst’, een dubbeltentoonstelling in het Noord-Veluws Museum en Museum Sjoel Elburg, zullen we nooit weten wat hun impact was geweest, als zij langer hadden geleefd. Zowel hun leven als hun carrière werden vroegtijdig beëindigd tijdens de oorlog.

In ‘Vermoorde kunst’ is werk van 25 omgekomen kunstenaars samengebracht, met als rode draad hun Joods-zijn. De verzameling werken is dan ook eclectisch in stijl: van natuurgetrouwe landschappen van Lion Schulman (1851-1943) tot ‘sensitivistische’ prenten van Samuel Jessurun de Mesquita (1868-1944) en impressionistische werken van Abraham Fresco (1903-1942). Dit maakt de tentoonstelling dynamisch en afwisselend. Met name het echtpaar Else Berg (1877-1942) en Mommie Schwarz (1876-1942), met hun modernistische stijl, zet je aan het denken over wat zij nog meer hadden kunnen bijdragen aan de kunstgeschiedenis. Daarom is het bijzonder om nu, 75 jaar na de oorlog, de werken die de herinnering aan de vermoorde kunstenaars levend houden te kunnen bewonderen.

Beeld: zaaloverzicht van Museum Sjoel Elburg, met in het midden twee werken van Else Berg: ‘Zelfportret met penselen’ (links, ca. 1929, Frans Hals Museum, Haarlem) en ‘Portret van Mommie Schwarz’ (rechts, 1936, Joods Historisch Museum, Amsterdam).

De tentoonstelling onder de titel Vermoorde kunst wil bij de 75ste herdenking van de bevrijding van de nazibezetting het werk van joodse beeldende kunstenaars, die in de Tweede Wereldoorlog vermoord zijn, weer voor het voetlicht brengen. De kunstenaars zijn omgebracht in concentratiekampen, hun talent werd afgebroken, maar hetgeen zij gemaakt hebben, hun tekeningen, grafiek en schilderijen, zijn tekenen van hun leven. Met de gezamenlijke tentoonstelling Vermoorde kunst in Museum Sjoel Elburg en in het Noord-Veluws Museum worden zevenentwintig vermoorde joodse kunstenaars uit Nederland herdacht.
In Museum Sjoel Elburg is het werk van het bekende joodse kunstenaarsechtpaar Else Berg (1877-1942) en Mommie Schwarz (1876-1942) te zien. De als Samuel Schwarz in Zutphen geboren kunstenaar ging naar de Antwerpse kunstacademie en woonde afwisselend in Amerika en Europa. In Duitsland ontmoette hij Else Berg, met wie hij zich in 1911 in Amsterdam vestigde. Else Berg volgde een kunstopleiding in Berlijn en verbleef in Parijs, waar zij kennis maakt met moderne stromingen als kubisme en fauvisme. Schwarz en Berg werkten in een kleurrijke, decoratieve en expressieve stijl en werden beide beïnvloed door de Bergense School. Tijdens de bezetting weigerden zij de Jodenster te dragen. Eind 1942 werden zij opgepakt en in Auschwitz omgebracht.
In het Noord-Veluws Museum wordt het werk van 27 vermoorde joodse kunstenaars uit Nederland gepresenteerd. Er zijn schilderijen, aquarellen, grafiek en tekeningen te zien van kunstenaars als Baruch Laguna (1864-1943), Meijer Bleekrode (1896-1943), Moos Cohen (1901-1942), Fré Cohen (1903-1943), Max van Dam (1910-1943), Salomon Garf (1879-1943), Abraham Fresco (1903-1942), Rebecca van Gelder (1891-1945), Samuel Jessurun de Mesquita (1868-1944), Marinus van Raalte (1873-1944), Lion Schulman (1851-1943) en Jetty de Vries (1886-1942).
Doorwerken of niet, dat was de vraag waar kunstenaars en vooral joodse kunstenaars voor stonden in de Tweede Wereldoorlog. De één heeft ondergedoken min of meer doorgewerkt, de ander deed dat openlijk en weigerde onder te duiken of de Jodenster te dragen. Sommige kunstenaars namen deel aan illegale verzetsactiviteiten. Al wat deze kunstenaars overkwam en beleefden is meestal niet terug te zien in hun werk. In de tentoonstelling is een grote diversiteit aan kunstwerken te zien en de verschillende generaties werkten in allerlei stijlen, van 19e-eeuws realisme, impressionisme tot expressionistisch modernisme. Wat hen bindt, is hun levenseinde.
De meeste kunstwerken komen uit verzamelingen van particulieren, die een collectie van kunstwerken van joodse kunstenaars bij elkaar hebben gebracht. Bij deze tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerde publicatie met artikelen van Linda Horn, schrijfster van de dubbelmonografie over Else Berg en Mommie Schwarz en van oud-conservator van het Joods-Historisch Museum en rabbijn Edward van Voolen.
In het Noord-Veluws Museum zijn daarnaast indrukwekkende kunstwerken van een aantal communistische kunstenaars te zien die in Putten op de Veluwe verbleven. Henk Henriët en Ward Hellendoorn namen deel aan verzetsactiviteiten. Zij zijn beide opgepakt en omgebracht. Dorus Roovers dook onder en Jo Bezaan werd gedeporteerd naar Kamp Vught. Bezaan maakte na de oorlog een serie houtsneden over de razzia van Putten in 1944. Van de 660 mannen die werden weggevoerd, kwamen 552 mannen om, onder wie zijn zoon.

Beeld: Else Berg Zelfportret met penselen, 1929, Frans Hals Museum

Van 16 jun 20 20

t/m 29 nov 20 20