Ooit waren er tal van winterfeesten. Verschillend van oorsprong. Samenhangend rond donker en licht. De sombere werkelijkheid werd verdrongen door verlangen naar licht. Hoop en verwachting naar wat er komt. Onze verre voorouders zagen in de duisternis angst en bedreiging. De zonnewende, de terugkeer van de zon, was daarom aanleiding voor een groot feest. Dat moest worden gevierd. Oorspronkelijk vierde men feesten van Allerheiligen (2 november) tot Lichtmis (1 februari). Feesten voor in een donkere tijd: van licht, verwachting, verlangen en vreugde,

Op de expositie is een selectie te zien van de feesten:
▪ Sint Maarten
11 november: bedelfeest voor de armen – kinderen gaan de deuren langs voor snoep.
▪ Santa Lucia
13 december: Begin van de kersttijd in noordelijke streken – kinderen met kaarsenkroon brengen eten.
▪ Midwinter
21 december: de zonnewende – eindigend in de nacht wanneer de dagen weer langer worden.
▪ Kerstmis
25 december: geboorte van Jezus. Verving na de Reformatie de midwinterfeesten.
▪ Oud & Nieuw
31 december naar 1 januari: de jaarwisseling van oudejaarsavond naar nieuwjaarsdag.