De gelaagde erfenis van haar Indische achtergrond loopt als een rode draad door het werk van Danielle Lemaire. Vanaf het begin van Lemaire’s kunstenaarschap duiken verwijzingen naar Indonesië en Nederlands-Indië op in haar figuratieve, magische en vaak surrealistische tekeningen en schilderijen.

De natuur, een animistische geloofsovertuiging en spirituele symboliek spelen daarin een belangrijke rol, net als de koloniale geschiedenis en de complexe historische relatie tussen Indonesië en Nederland. Lemaire verweeft het katholieke Brabantse milieu waarin zij opgroeide met de wereld van haar Indische familie. Zo creëert zij een gedetailleerde, introspectieve beeldtaal waarin familieverhalen, koloniale geschiedenis en verschillende tijdslagen in elkaar schuiven, en waarin zowel haar Nederlandse en Indische wortels naar voren komen.

De geschiedenis is mijn gezelschap
De titel van de tentoonstelling De geschiedenis is mijn gezelschap weerspiegelt zowel nostalgie als herinnering aan Lemaire’s Indische achtergrond. Tegelijkertijd verwijst de titel naar het besef dat elke familiegeschiedenis — hoe persoonlijk en dierbaar ook — onderdeel is van een bredere, complexe historische context. De koloniale geschiedenis van Indonesië vormt daarin een onvermijdelijke onderlaag, van zowel onderdrukking als pijn, verbondenheid en ongelijkheid. Lemaire onderzoekt die gelaagdheid zonder oordeel en creëert ruimte voor reflectie op zowel het poëtische als het confronterende. Een familiegeschiedenis kies je immers niet zelf; die draag je met je mee, in al zijn facetten.