Al eeuwen is het Rivierengebied een belangrijk centrum voor de productie van baksteen. Vóór de industrialisatie bakte men stenen in veldovens. Vanaf de 19e eeuw gebeurde dat op grote schaal in steenfabrieken. Met hun hoge schoorstenen domineerden zij het landschap van de streek. In veel dorpen was een steenfabriek te vinden. Baksteen was immers een veelzijdig product, dat werd gebruikt in grote bouwprojecten, voor de aanleg van straten, huizen en vele andere toepassingen.
Onder andere door automatisering nam het aantal steenfabrieken vanaf de jaren ’50 en ’60 sterk af. Fabrieken werden verlaten, stonden leeg of kregen een andere functie. De sporen van de steenfabrieken vormen een terugkerend motief in de werken van kunstenaars Nellie Hendriks en Ben Wasser. Met hun kunstwerken willen zij de aandacht richten op het verdwenen lokaal cultureel erfgoed van ruim 150 jaar steenfabricage en het harde werk dat daar door de arbeiders verricht werd.
Nellie Hendriks werkt met verschillende materialen en maakt geabstraheerde tekeningen van de steenovens, droogrekken, lorries, rails en ander werkmateriaal uit de tijd van de ‘stinoavens’. Ben Wasser schildert juist figuratief. Al decennialang legt hij (het verdwijnen van de) steenfabrieken vast op doek en geeft daarmee een bijzonder tijdsbeeld.
De tentoonstelling is te zien vanaf 17 oktober 2026 tot en met 28 februari 2027 in de Therus van Sommerenzaal.