Bourgondisch Tafelen duikt in de gedeelde eet- en drinkcultuur van de Nederlanden in de vijftiende en zestiende eeuw. De tentoonstelling ontvouwt zich als een maaltijd in vier gangen: van de overvloedige banketten in de stadspaleizen tot de stomende keukens vol koks en keukenmeiden, van de levendige markten en herbergen om te eindigen in een evenwichtsoefening tussen overvloed en schaarste. Op zoek naar de grens tussen genot en overdaad.