Deze expositie speelt nadrukkelijk in op de actualiteit. Er worden namelijk steeds meer kleine woningen gebouwd met een oppervlakte van minder dan 50 m2. Het realiseren van compacte woningen wordt ook gezien als een van de oplossingen voor het grote woningtekort. Wonen in één of twee kamers is heel gewoon aan het worden. Het biedt veel bewoners het gewenste basiscomfort, de geborgenheid en privacy.

Bij klein wonen kun je denken aan losstaande tiny-houses maar ook aan micro-appartementen en studio’s in grotere complexen en aan gesplitste woningen. Soms zijn kleine woningen uitgerust met een eigen keuken, douche, wc, wasmachine maar in andere gevallen worden juist deze voorzieningen gedeeld. Bij zogenoemde ‘flexwoningen’ gaat het bijna ook altijd over kleine woonunits. Deze tijdelijke woningen worden ingezet om een acute woningnood op te vangen en zijn dikwijls bedoeld voor starters, studenten en statushouders.

De tentoonstelling ‘Klein Kleiner Kleinst’ wil een breed publiek informeren over het groeiende aantal én de diversiteit aan kleine woningen. Daarbij wordt ingegaan op de factoren die deze ontwikkelingen (mede) bepalen maar ook op de kwaliteit, eigenschappen en de toekomstwaarde van deze woningen.