Drie generaties Van Iersel worden voor het eerst samengebracht in een grote tentoonstelling. Gedurende het zomerreces laten Gerard (1934), Rik (1961) en Joshua (1986) van Iersel, opa, vader en zoon, in één expositie werk zien dat zich uitstrekt over een periode van ruim 60 jaar.
In ‘Three of a kind’ wordt een keur aan schilderijen, tekeningen, collages, animatiefilms en ruimtelijk werk getoond. Er is aandacht voor elke kunstenaar afzonderlijk, maar curator Rob Schoonen gaat ook op zoek naar dat fameuze ‘Van Iersel-kunstenaars-gen’. Wat maakt deze Eindhovense familie zo bijzonder, wat zijn de overeenkomsten of de raakvlakken, waar komt de kunst van de een in de buurt van de ander?
Gerard van Iersel (1934) volgde zijn opleiding aan de Kunstnijverheidsschool in Eindhoven en de Jan van Eyck Academie, waar hij zich onder invloed van beeldend kunstenaar Albert Troost richt op monumentaal werk: glas in lood, wandreliëfs, plastieken en beton-schilderingen. Veel opdrachten maakt hij voor scholen en overheidsgebouwen. Ook gaf hij les, o.a. aan academie St. Joost. Daarnaast was er tijd voor het echt vrije werk: lyrische tekeningen en schilderijen waarin emoties vrij spel krijgen. Gerard van Iersel maakte een ontwikkeling door van geometrische abstractie naar lyrisch abstract werk dat doet denk denken aan het werk van Bram van Velde.
Rik van Iersel (1961) kreeg het tekenen en schilderen van huis uit mee, van zijn vader Gerard en van zijn moeder, beeldend kunstenaar Nathalie van den Eerenbeemt (1934-2010). Hij voelde dan ook niet de behoefte een kunstacademie te volgen en is dus autodidact. Rik ontwikkelde zich als beeldend kunstenaar en als muzikant. Hij richtte het fameuze Buro Beukorkest op, waarin hij drumt, net als in de andere band: Der Junge Hund. In diezelfde jaren stortte hij zich op het maken van strips en ontwierp hij jarenlang de posters voor de Eindhovense popzaal De Effenaar. Hij ontwikkelde een eigen, zeer expressieve, gelaagde stijl die herinnert aan het werk van de Nieuwe Wilden of Mühlheimer Freiheit, beide Duitse stromingen. Al op jonge leeftijd exposeerde Van Iersel in gerenommeerde galeries in binnen- en buitenland. Later begon hij met het maken van animatiefilms en was als gastdocent actief in onder meer Duitsland.
Joshua van Iersel (1986) kreeg eveneens de kunst met de paplepel ingegoten. Hoe kan het ook anders met een vader en opa en oma als kunstenaar. Ook Joshua ontwikkelde zich als autodidact. Hij herinnert zich goed de Afrikaanse maskers die zijn ouders verzamelden en die diepe indruk op hem maakten. En die je nu nog altijd – in verschillende vormen – terug ziet komen in zijn tekeningen en schilderijen. Koppen zie je terug in zijn werk dat – ook al vanwege de verwantschap met strips en graffiti – je kunt scharen onder het neo-expressionisme. Waarbij namen als Jean-Michel Basquiat of David Salle in je opkomen. Net als Rik ontwikkelde ook Joshua zich als muzikant. Ook hij drumt.
Beeld: affiche Three of a Kind