19 maart 2026
Het is allesbehalve stil in ‘Make Some Noise: Desire. Stage. Change.’ in het Van Abbemuseum. Stemmen, muziek en installaties vullen de zalen en lopen soms in elkaar over. Geluid is hier meer dan iets wat je hoort: kunstenaars zetten het in om hun stem te laten horen en een positie in te nemen. Ze reageren op de wereld waarin ze leven en spreken zich uit in het publieke debat.
‘Make Some Noise: Desire. Stage. Change.’ is de negende en laatste editie van ‘Positions’, een reeks tentoonstellingen die opkomende kunstenaars en collectieven samenbrengt. De titel verwijst naar het innemen van een positie: hoe kunstenaars zich uitspreken binnen hun tijd en in maatschappelijke discussies. Het thema geluid vormt daarmee een passend besluit van de reeks. Geluid maken betekent hier: jezelf hoorbaar maken en aandacht opeisen.
In de eerste centrale zaal staat een grote satellietschotel. Selma Selman schilderde er in het Engels op: “God, maak mij het beroemdst, zodat ik aan deze plek kan ontsnappen”. Satellite Dish (2023) maakt deel uit van een reeks readymades waarin Selman alledaagse gebruiksvoorwerpen beschildert. De tekst en de satellietschotel roepen associaties op met contact op afstand – of het verbreken daarvan – en met het verlangen naar wat ver weg of onbereikbaar lijkt. In het werk van Selman, die opgroeide in een Roma-gemeenschap in Bosnië, krijgt dat verlangen extra lading. Dat verlangen kan immers twee kanten op: willen ontsnappen aan een omgeving met weinig perspectief, maar ook terugverlangen naar de gemeenschap waar je vandaan komt.
Klanken in de lucht
In de volgende zaal hangen twee pianovleugels op hun kant aan het plafond. De instrumenten zijn opengeklapt en tegen elkaar geplaatst, waardoor hun binnenwerk zichtbaar wordt en de toetsen in het midden een smalle verticale strook vormen. Door die draaiing lijken de vleugels tegelijk uit elkaar gehaald en opnieuw samengesteld. In Semblance (2025) van Jack O’Brien valt de vorm van het instrument niet meer samen met zijn gebruik. De piano is er nog, maar kan niet meer worden bespeeld; de klanken hangen als het ware in de lucht. Dat effect wordt versterkt doordat de constructie is bevestigd aan opslagmodules en podiumelementen uit het museum, aangevuld met materiaal uit een eerdere installatie van O’Brien. Het werk suggereert zo zowel een podium als wat daarachter schuilgaat.
Anders dan in stille museumzalen sijpelt geluid hier van zaal naar zaal. Dat gebeurt zonder dat de werken elkaar overstemmen. Het lijkt een uitdrukking van de overtuiging dat je mag zeggen wat je wilt, zolang het anderen niet ondermijnt. Een politiek geladen thema als ‘je stem laten horen’ kan in een groepstentoonstelling snel illustratief worden, maar dat gebeurt hier niet. De titel ‘Make Some Noise: Desire. Stage. Change.’ is een rake samenvatting van de vele stemmen, vormen en gebaren die door de tentoonstelling trillen. Het doet denken aan de uitspraak: geluid is aanraking op afstand. Een passende afsluiting van de reeks – en een met een lange adem, want de tentoonstelling is nog tot eind september te zien.