7 april 2026

Racisme, geweld, onschuld – de hele kosmos zelfs: het komt allemaal voorbij in de solotentoonstelling van kunstenaar en regisseur Steve McQueen in De Pont Museum. In drie recente werken en zijn nieuwe installatie Atlas laat hij zien hoe persoonlijke herinneringen, collectieve geschiedenis en het lichaam de menselijke ervaring vormen.

Steve McQueen, ‘Sunshine State’, 2022, foto: Antoine van Kaam
Steve McQueen, ‘Sunshine State’, 2022, foto: Antoine van Kaam

Lange tijd dacht Steve McQueen (1969) dat zijn vader hem op afstand hield. Tot zijn vader kort voor zijn dood een verhaal vertelt. Dat verhaal is de kern van Sunshine State (2022), dat recent werd aangekocht door De Pont Museum in Tilburg. De monumentale video-installatie toont op twee schermen fragmenten uit de oude film The Jazz Singer (1927), waarin een witte acteur zich schminkt voor een blackface-optreden. Op één scherm verschijnt het beeld als negatief: zwart wordt wit en omgekeerd. Tussendoor duiken close-ups van de zon op – oorsprong van al het leven, maar hier een zinderende massa met een dreigend karakter.

“Shine on me, Sunshine State…” klinkt McQueens stem over de beelden heen. Hij vertelt hoe zijn vader als jonge migrantarbeider in Florida wordt geconfronteerd met extreem racisme. Op een avond escaleert het in een bar: er wordt geschoten, hij vlucht, duikt een greppel in en overleeft ternauwernood. Zijn vrienden ziet hij nooit meer terug. Pas later beseft McQueen dat zijn vader hem niet op afstand hield, maar juist beschermde. Het verhaal wordt in de installatie meerdere keren verteld, telkens fragmentarischer. In combinatie met de vervormde filmbeelden ontstaat een beeld van herinnering als iets dat verschuift – telkens opnieuw gevormd door herhaling en vervorming van hetzelfde beeld.

Steve McQueen, ‘Atlas’, 2026, foto: Antoine van Kaam
Steve McQueen, ‘Atlas’, 2026, foto: Antoine van Kaam
Steve McQueen, ‘Atlas’, 2026, foto: Antoine van Kaam
Steve McQueen, ‘Atlas’, 2026, foto: Antoine van Kaam

Schaalverschuiving
In McQueens nieuwste werk, Atlas (2026), verdwijnen mens en geheugen uit beeld. Het werk, speciaal voor de tentoonstelling gemaakt, bestaat uit vier hangende monitors in een verduisterde ruimte. Ze tonen een ogenschijnlijk eindeloze stroom bewegende stippen: een opvallend sobere vertaling van data van een ruimtetelescoop van de European Space Agency, die miljarden sterren in kaart brengt. De vier richtingen van de schermen suggereren beweging zonder begin of einde. Er is geen verhaal, geen houvast. De mens wordt hier gereduceerd tot een stip in een systeem dat zich niet laat bevatten.

Het is desoriënterend, ontnuchterend en bijna spartaans – maar toch consequent. McQueen ontving onlangs de prestigieuze Erasmusprijs voor zijn vermogen om de mens in al zijn kwetsbaarheid te tonen. Hier verschuift hij dat perspectief: niet de mens staat centraal, maar het eindeloze universum. De mens is nietig geworden, waartegen de mens zijn maat verliest.

Steve McQueen, ‘Untitled’, 2025, foto: Antoine van Kaam
Steve McQueen, ‘Atlas’, 2026, foto: Antoine van Kaam

Geweld en verleiding
McQueen laat voelen hoe een ervaring eerst lichamelijk binnenkomt, voordat het beeld zich laat duiden. Dat is bijvoorbeeld goed te zien bij het werk Untitled (2025), dat je betreedt via een doorgang die uitkomt in een donkere ruimte waar harde dreunen en het gerinkel van een ketting klinken. Het blijkt het geluid van een bokszak waar McQueen op slaat. Het is door het hele museum te horen en komt binnen met het geweld van vallende bommen. Er is niets te zien, en toch voltrekt het zich als een film voor je ogen.

In Bounty (2024) ontvouwt McQueen het verhaal juist gaandeweg, via de verleiding van het beeld. Het bestaat uit een reeks van 47 foto’s van bloemen van het Caribische eiland Grenada, waar McQueens familie vandaan komt. De beelden zijn rijk, met uitbundige kleuren en scherpe details, zo ingezoomd dat ze bijna abstract worden. Ze trekken je naar binnen en geven pas hun lading prijs als je de context kent. Achter het natuurschoon schuilt een geschiedenis van kolonisatie, slavernij en migratie. De flora vormt daarin een constante: terwijl Grenada meerdere keren werd gekoloniseerd, bleven de planten.

McQueen schakelt overtuigend tussen verschillende registers: hij spreekt zowel het intellect als de zintuigen aan, verleidt met beeld en durft tegelijk ingetogen te zijn. Zelfs in het afstandelijke Atlas blijkt die soberheid geen afwijking, maar juist een teken van zelfverzekerdheid – een doeltreffend ingezette strategie. Van fotografie tot datavisualisatie, van audio tot film zet hij elk medium in om dezelfde vraag te stellen: hoe geschiedenis zich in lichamen, beelden en herinneringen vastzet en nooit volledig te reconstrueren is.

Lees ook het interview met Steve McQueen door kunstcriticus Edo Dijksterhuis in Museumtijdschrift nr 2 • 2026.

Steve McQueen, ‘Bounty’, 2024, foto: Antoine van Kaam
Steve McQueen, ‘Atlas’, 2026, foto: Antoine van Kaam