8 oktober 2026

Kunsthal Rotterdam wint de Museumtijdschrift Tentoonstellingsprijs 2026 met ‘Iris van Herpen – Sculpting the Senses’. Het publiek verkoos de modetentoonstelling, met meer dan honderd creaties van de wereldberoemde couturier, tot favoriet. Directeur Marianne Splint blikt terug op de tentoonstelling en de samenwerking met Van Herpen. “We waren al zo ongelooflijk trots op deze tentoonstelling. Maar dan nog is de erkenning met een publieksprijs een ultieme bevestiging.”

Kunsthal Rotterdam is de winnaar van de Museumtijdschrift Tentoonstellingsprijs, foto: Rosalie van der Does
Kunsthal Rotterdam is de winnaar van de Museumtijdschrift Tentoonstellingsprijs, foto: Rosalie van der Does

“Vanaf dag één zagen we al dat bezoekers opgetogen waren. En de recensies waren ook goed”, zegt Marianne Splint, directeur van de Kunsthal. Ondanks de positieve voortekenen kwam de prijs toch als een verrassing. “Haute couture is niet vanzelfsprekend een thema dat iedereen aanspreekt, en de stijl van Iris van Herpen is uitgesproken.”

Toch raakte deze tentoonstelling een snaar bij een breed publiek. Waarom, denk je?
“Allereerst door de brede opzet. Er was veel meer te zien dan alleen fashion. Naast de creaties van Iris van Herpen hadden we tientallen bruiklenen die haar inspiratiebronnen en belevingswereld lieten zien. Kunst,maar ook wetenschap kwam veel aan bod. Zo toonden we onder meer prachtige collectiestukken van onze buren van het Natuurhistorisch Museum en van Naturalis, zoals fossielen en schelpen. Daarnaast werd inzichtelijk gemaakt hoe ze met haar team haar creaties maakt. Bezoekers konden zelfs de stoffen die zij gebruikt aanraken. Het hele creatieve proces kwam aan bod.”

Waarin verschilt het maken van een modetentoonstelling van het maken van tentoonstellingen over andere disciplines?
“Fashion biedt vaker mogelijkheden voor een theatrale presentatie. Creaties zoals die van Iris van Herpen komen goed tot hun recht in een weelderige omgeving waarin dwarsverbanden met andere disciplines zichtbaar worden. Ook in haar werk komen veel disciplines samen. Zo klonken er speciaal gecomponeerde soundscapes van Salvador Breed en waren er videobeelden van onder andere modeshows te zien.”

Marianne Splint, foto: Gregor Servais voor Nederlands Dagblad
Marianne Splint, foto: Gregor Servais voor Nederlands Dagblad

Als je iets zou moeten noemen aan deze tentoonstelling waar je het meest trots op bent, wat zou dat zijn?
“De nauwe en prettige samenwerking met Iris van Herpen en haar team. Ze stelden hoge eisen en samen legden we de lat hoog. Zo haal je het beste in elkaar naar boven. We hebben bijvoorbeeld getwijfeld of we haar creatie de ‘living look’, met miljoenen lichtgevende algen, wel moesten laten zien. Hoe houden wij die micro-organismen in leven? Je wilt niet dat je na afloop een dode jurk aan de kunstenaar teruggeeft. Maar het is allemaal gelukt. En Iris was zelf net zo trots als wij op deze tentoonstelling. Het was in alle opzichten een teamprestatie. Ook dat maakt het winnen van deze prijs zo leuk.”

De Kunsthal heeft geen eigen collectie. Is het maken van tentoonstellingen daardoor jullie raison d’être?
“Wij kunnen inderdaad nooit achteroverleunen en putten uit een bestaande collectie. Bovendien werken we met een relatief klein team. Dat geeft ons veel vrijheid en dwingt ons ook om voortdurend alert te zijn op wat er speelt in de maatschappij en de culturele wereld. Wie zijn de toonaangevende kunstenaars en wat zijn de actuele thema’s in een waaier aan disciplines? Maar ook: welke historische stromingen of oeuvres worden juist over het hoofd gezien? Dus lopen er hier minstens zes tentoonstellingen tegelijk, allemaal zeer verschillend. Van mode en oude kunst tot design of fotografie – en van wereldberoemde namen als Ai Weiwei en Iris van Herpen tot opkomend lokaal talent.”

‘We werken met een relatief klein team. Dat geeft ons veel vrijheid en dwingt ons ook om voortdurend alert te zijn op wat er speelt in de maatschappij en de culturele wereld. ’

De Kunsthal won twee jaar geleden ook al met een tentoonstelling over Ai Weiwei. Vorig jaar wonnen het Stedelijk Museum en het Van Gogh Museum met een tentoonstelling van Anselm Kiefer. Dit jaar Iris van Herpen dus. Waarom zijn monografische tentoonstellingen zo populair?
“Solotentoonstellingen bieden een heel geconcentreerde inkijk in de ontwikkeling van een kunstenaar. Wat zijn de sleutelmomenten in een oeuvre? Wat zijn de inspiratiebronnen? Van zo’n persoonlijk, bijna intiem verhaal gaat een enorme magie uit. Daarnaast bieden tentoonstellingen over één kunstenaar ook een goed inzicht in een afgebakende discipline. ‘Sculpting the Senses’ bijvoorbeeld is ook een deep dive in de kosmopolitische wereld van haute couture. Hoe worden de creaties gemaakt?”

‘Sculpting the Senses’ was eerder te zien in het Musée des Arts Décoratifs in Parijs. Hoe voorkom je dat je als Kunsthal een doorgeefluik wordt?
“Voor ons zijn samenwerkingen met musea, verzamelaars en galerieën een noodzaak én een wens. We geloven echt in de meerwaarde van coproducties, naast al onze eigen projecten. Tenslotte tonen we hier werk in soms wel zeven hallen tegelijk. Ook streven we er altijd naar om een eigen laag aan een tentoonstelling toe te voegen. Zo hebben we met Iris van Herpen en haar team nieuwe thema’s en creaties toegevoegd. We vinden het ook een mooie uitdaging om de scenografie van een tentoonstelling naar ons bijzondere gebouw te vertalen. Daarnaast zoeken we voortdurend naar nieuwe, spannende samenwerkingen, zoals Theater Rotterdam, waarmee we een voorstelling vertalen naar een tentoonstelling.”

Zaaloverzicht ‘Iris van Herpen – Sculpting the Senses’, foto: Marco De Swart
Zaaloverzicht ‘Iris van Herpen – Sculpting the Senses’, foto: Marco De Swart

Tot slot: waarop kunnen we ons komend jaar verheugen in de Kunsthal?
“We zijn heel trots op de grote tentoonstelling van Anish Kapoor in de winter van 2027. Dat wordt een geweldige eigen productie samen met deze wereldberoemde kunstenaar. Ons gebouw heeft de ruimte om een groot gebaar te maken en kan een kunstenaar van zijn kaliber vieren. Het publiek verwacht ook wel zulke grote publiekstrekkers van ons. Tegelijkertijd bieden we een mix van disciplines en tijden. We hopen dat mensen tijdens de tentoonstellingen van Ai Weiwei of Iris van Herpen ook binnenlopen bij een tentoonstelling van een jonge fotograaf of van Rotterdamse stadstekenaars. En daarvan vervolgens misschien nog wel meer onder de indruk zijn. In de Kunsthal kan dat gewoon.”