7 april 2026

Mae Engelgeer (1982) is een Nederlandse textielontwerper die haar carrière begon in Amsterdam en tegenwoordig woont en werkt in Kyoto. Sinds 2014 ontwerpt ze als Studio Mae Engelgeer textiel voor uiteenlopende fabrikanten en maakt ze autonoom werk, dat opvalt door verfijnde kleuren en geometrische patronen. Een selectie van haar ontwerpen is momenteel te zien in de tentoonstelling ‘Mens <3 Machine: 25 jaar Textiellab’ in Tilburg.

Wat is het meest recente werk dat je in het Textiellab hebt gemaakt?
“Een wandkleed van maar liefst 700 vierkante meter voor de foyer van de Grote Zaal van TivoliVredenburg in Utrecht. Ik heb er ruim 2,5 jaar aan gewerkt. Het werk, Abstract Notes, bestaat uit meerdere weefsels die samen één abstracte compositie vormen. Ritme was het uitgangspunt – en ritme is natuurlijk de basis van muziek.”

Wat was de inspiratie voor dit ontwerp?
“De notitieboekjes van Herman Hertzberger, de architect van het oude muziekcentrum Vredenburg. Hij maakte collages van karton, papier en textiel. Die rijkdom aan texturen heb ik vertaald naar verschillende technieken, zoals weven en tuften. Bij tuften schiet je met een luchtdrukpistool losse draden in een ondergrond, wat veel vrijheid geeft in kleur en compositie.

“Het wandkleed is ook een onderzoek naar duurzamere textielproductie. Het is geweven van gerecycled polyester, onder andere van PET-flessen uit de regio Utrecht. Uiteindelijk is het een collage geworden van technieken uit het Textiellab. Het complexe maakproces – met alle schetsen en experimenten – vormt ook het hart van de tentoonstelling.”

Mae Engelgeer, foto: Hidenori Suzuki
Mae Engelgeer, foto: Hidenori Suzuki

Hoe lang werk je al in het Textiellab?
“Even rekenen: sinds mijn afstuderen in 2008 aan het Sandberg Instituut in Amsterdam, de masteropleiding van de Rietveld Academie. Dus achttien jaar. Het is de enige plek in Nederland waar je echt áán de machines kunt staan en samen met technici en ontwikkelaars kunt experimenteren. ‘Kan niet’ bestaat er niet.

“Veel van die machines zijn voor ontwerpers buiten het lab nauwelijks toegankelijk. Je gaat er eigenlijk altijd naar buiten met iets bijzonders – soms ook met iets totaal anders dan waarmee je begon. In het Textiellab heb ik het vak van textielontwerper echt geleerd.”

Wat is je favoriete machine?
“De jacquardmachine. Daarmee kun je over een breedte van drie meter werken en kan het patroon links totaal anders zijn dan rechts. Dat maakt extreem complexe en gedetailleerde stoffen mogelijk. Bij eenvoudiger weefmachines heeft een stof altijd een repeat: een terugkerend motief. Op de jacquard kun je bovendien stoffen met wel acht verschillende kleuren garens gebruiken. Daardoor ontstaan diepe, rijke kleuren doordat draden onder elkaar liggen.”

Productieproces in het Textiellab, foto: TextielLab
Productieproces in het Textiellab, foto: TextielLab

Het Textiellab beschikt over machines om te breien, tuften en allerlei andere technieken. Wat maakt weven zo bijzonder?
“Juist de beperkingen. Ik ben ontwerper en vind het leuk om problemen op te lossen. Stel dat ik een kleur wil toevoegen, maar de machine kan niet meer draden verwerken. Dan moet ik twee draden zo twijnen dat ze samen die kleur vormen.

“Twijnen is simpel gezegd twee draden in elkaar draaien zodat ze optisch één draad worden. Die wisselwerking tussen mens en machine vind ik fascinerend. Je moet je aanpassen aan wat de techniek kan, zonder concessies te doen aan je idee.”

Waarom heb je gekozen voor textiel als materiaal?
“Textiel staat voor vrijheid. Op de modeacademie AMFI was ik al meer bezig met stoffen en technieken dan met kleding ontwerpen. Textiel is plooibaar, je kunt het knippen, snijden en vormen. Het is een materiaal dat je letterlijk met je handen kunt bewerken. Borduren, zeefdrukken en stikken vond ik veel leuker dan kleding schetsen. En textiel is natuurlijk ook zacht en aaibaar. Het biedt een enorme rijkdom aan kleuren, materialen en patronen.”

Mae Engelgeer, ‘Vivid’, 2019, foto: Rademakers Gallery
Mae Engelgeer, ‘Vivid’, 2019, foto: Rademakers Gallery
Mae Engelgeer, ‘Vivid’, 2019, foto: Rademakers Gallery

Heb je zelf ook een weefgetouw?
“Nee. In mijn studio ontwerp ik patronen en doe ik onderzoek. Ik zoek naar nieuwe combinaties van garens en structuren en kijk welke weeftechnieken daarbij passen. Ik heb een grote voorliefde voor geometrische dessins. Het vertalen van zo’n ontwerp naar een weefpatroon is vaak een enorme puzzel. Daarbij gebruik ik mijn archief met stalen en samples, waarmee ik eindeloos kan combineren.”

Samenwerken is belangrijk. Als je een nacht in het Textiellab opgesloten zou worden…
“Jaaaa, dat is mijn droom!”

…waarmee zou je dan naar buiten komen?
“Waarschijnlijk met veel borduurwerk en handmatige experimenten. Ik zou vooral op de oudere weefgetouwen werken. Die computergestuurde machines kan ik niet zelf bedienen.”

SUO en Mae Engelgeer, ‘Tea Room Ori-An’, 2023, foto: Kotaro Tanaka
SUO en Mae Engelgeer, ‘Tea Room Ori-An’, 2023, foto: Kotaro Tanaka

Je woont tegenwoordig in Kyoto. Hoe beïnvloedt dat je werk?
“Kyoto is een rustige stad vol tempels en ambachtelijke tradities. Het is een beetje gemütlich. Ik kan hier in alle rust experimenteren en krijg veel onverwachte inspiratie. In Nederland draait ontwerp vaak om innovatie en originaliteit. In Japan vormt traditie juist de basis. Ik werk bijvoorbeeld met een atelier dat al meer dan vierhonderd jaar stoffen maakt voor kimono’s. In hun archieven liggen ongelooflijk verfijnde textielen.

“Als gaijin, zoals ze buitenlanders noemen, hoef ik me niet aan alle regels te houden. Ik ken ze ook lang niet allemaal. Dat werkt bevrijdend – zowel voor mij als voor de ambachtslieden. Ik daag hen uit om buiten hun comfortzone te denken, terwijl zij mij juist laten zien hoe waardevol bestaande technieken zijn.”

Kun je een voorbeeld geven?
“Tatami zijn traditionele vloermatten in neutrale tinten, bedoeld om op te zitten of te slapen. Ik was gefascineerd door hun rustige uitstraling. Samen met een tatamimaker heb ik kleinere panelen gemaakt van igusa, een natuurlijke vezel van rietgras. Het zijn geen matten meer om te gebruiken, maar objecten met onverwachte kleuren om naar te kijken. Vernieuwing met behoud van traditie — eigenlijk precies wat ik in het Textiellab heb geleerd.”

Mae Engelgeer, ‘Abstract Notes’ in TivoliVredenburg, 2025
Mae Engelgeer, ‘Abstract Notes’ in TivoliVredenburg, 2025
Mae Engelgeer, ‘Abstract Notes’ in TivoliVredenburg, 2025