22 september 2026
Een glinsterend vrouwenhoofd draait langzaam om zijn as. Op de vloer ligt een zware ketting met daarop een met munten bedekt kinderhoofd. Mysterieuze tonen klinken door de zaal. Met La dette (2023) verbeeldt Pascale Monnin (1974) de schuld die Frankrijk Haïti na de onafhankelijkheidsstrijd in 1804 oplegde. De griezelige installatie is een van de werken in ‘Leef Surrealisme’, een raadselachtige tentoonstelling in het Wereldmuseum Rotterdam.
Voodoopoppen, tarotkaarten en droomachtige schilderijen voeren je langs drie thematische werelden. In de ene zaal zorgen geplooide doeken en zachte pastelkleuren voor een hemelse sfeer; elders word je geconfronteerd met duistere nachtmerries.
In ‘De buitenwereld’ dringen thema’s als kolonialisme en oorlog de tentoonstelling binnen. In Rua ruini (1949) van Xul Solar (1887-1963) dwaalt een figuur verloren door de ruïnes van twintigste-eeuwse ideologieën. In ‘De binnenwereld’ ligt de nadruk op visioenen en het onderbewustzijn. Donkere schaduwen en angstaanjagende figuren kruipen over de schilderijen van Roberta Stoddart (1963) en Marie Louise Elshout (1967). In Semi-closed Eyelid (2018) verbeeldt Co Westerik (1924-2018) de drempelervaring tussen waken en niet-waken.
In ’Andere werelden’ is ook ruimte voor lichtvoetigheid. In een zomers landschap tuurt Alice in Wonderland door een venstertje naar buiten. De etsen met runderogen van Eneida Sanches (1962) lijken voor je ogen te dansen. Toch overheerst de unheimlichkeit: na het bezoek aan deze tentoonstelling is het onderscheid tussen verbeelding en werkelijkheid nauwelijks nog te maken.


